null Contactonderzoek bij werknemers onder toezicht van IDEWE

Contactonderzoek bij werknemers onder toezicht van IDEWE

- Biologische agentia | Cijferinzichten

Expert Hilde Vanacker

Verantwoordelijke Discipline Arbeidsgeneeskunde

15.402 besmette personen in de periode 22 juli 2020 tot 31 maart 2021

IDEWE neemt sinds vorig jaar het contactonderzoek op bij aangesloten bedrijven waar een COVID-19-besmetting is vastgesteld. Op die manier gaan we na welke collega’s een verhoogd risico op besmetting liepen door nauw contact of hoogrisicocontact (HRC) met de zieke collega of index. De analyse van de cijfers stelt ons in staat om sectoren en activiteiten met verhoogd risico op virusoverdracht te identificeren en de protocollen te helpen verfijnen.

Contactonderzoek op het werk is een van de manieren om de verspreiding van het coronavirus af te remmen. Als externe dienst voor preventie en bescherming op het werk gaat IDEWE na welke collega’s op de werkvloer mogelijk besmet kunnen zijn door nauw contact of hoogrisicocontact (HRC) met een besmette persoon of index. Alle werknemers met een dergelijk HRC krijgen van ons een quarantaineattest en een code om zich vervolgens 2 keer te laten testen. Van 22 juli 2020 tot 31 maart 2021 konden we op die manier 15.402 besmette personen of indexen identificeren. De overgrote meerderheid van de besmette personen of indexen waren werknemers maar het kon ook gaan over externen, zoals bijvoorbeeld interims, stagiairs of leerlingen. 

Evolutie van het aantal geregistreerde indexen

Om het aantal besmettingen per sector te evalueren, vergeleken we het aantal indexen in verhouding tot het aantal werknemers werkzaam in de verschillende sectoren. Zo komen we tot onderstaande grafiek, waarin de indexen per sector zijn omgerekend naar het aantal dat besmet geraakt is per 100.000 werknemers over een periode van 14 dagen. 

Er zijn weliswaar een paar factoren die maken dat we voorzichtig moeten zijn met de interpretatie. Een aantal grote bedrijven nemen intern hun contactonderzoek op. Besmettingen daar komen bijgevolg niet voor in onze statistieken. In bedrijven of instellingen met veel externen, zoals scholen, tellen we ook meer indexen mee die geen werknemers zijn. Dat maakt dat we voorzichtig moeten zijn als we sectoren vergelijken. Om de evolutie op te volgen, vormt dit echter geen probleem.

De curves van de 14-daagse cumulatieve incidentie van het aantal gemelde indexen per 100.000 werknemers van augustus 2020 tot nu, heeft hetzelfde verloop als deze van de algemene bevolking. Je ziet duidelijk de tweede golf die een piek bereikte eind oktober en het effect van de tweede ‘zachte’ lockdown vanaf 19 oktober. Op het piekmoment waren er 467 meldingen van besmettingen per 100.000 werknemers op 14 dagen. Op 31 maart 2021 waren er 212 meldingen per 100.000 werknemers op twee weken tijd. 

Sectoren

Op de piek van de tweede golf zagen we het hoogste aantal besmettingen in de sector van het openbaar vervoer en in de onderwijssector. Als we de evolutie van de besmettingen in het onderwijs bekijken dan zien we dat deze curve de vakanties volgt. Net voor de herfst-, kerst-, krokus- en verlengde paasvakantie stijgt de curve. De daling zet vervolgens in met de start van de vakanties. Waar het aantal besmettingen bij het openbaar vervoer, net voor en op het moment van de tweede golf, zeer hoog was, zien we dat dit vanaf december 2020 beter onder controle komt. Vanaf maart 2021 stellen we daar opnieuw een stijging van het aantal besmettingen vast; naar 397 meldingen per 100.000 werknemers over een periode van 2 weken. Een andere sector die relatief hoog scoort met af en toe een piek is de sector van de hulpdiensten. Op 31 maart heeft deze sector een 14-daagse cumulatieve incidentie van 253 per 100.000 werknemers.

Wanneer we onze cijfers vergelijken met het rapport gepubliceerd op de website van Sciensano, dan zien we overeenkomsten. Uit de analyse van de RSZ-data blijkt dat volgende sectoren meer gevoelig zijn voor uitbraken: de voedings- en vleesverwerkende industrie, de metaalindustrie, de retailsector, de niet-medische contactberoepen, dienstenchequesbedrijven en het onderwijs. Dit zijn sectoren waar telewerk niet mogelijk is. Veelvuldige nauwe contacten en suboptimale klimaatomstandigheden bevorderen de overdracht van het virus. Deze bevindingen komen overeen met de hoge cijfers die wij vinden bij de onderwijs-, voedings- en hulpdienstensector. 
De zorgsector scoort ook in onze statistieken niet hoger dan gemiddeld, al is er mogelijk een onderrapportering. De indexen van een aantal grote ziekenhuizen en zorginstellingen komen niet in onze cijfers voor omdat de medisch verantwoordelijke van deze instellingen het contactonderzoek zelf doet. 

Evolutie van het aantal hoogrisicocontacten (HRC)

Het vermijden van een cluster van besmettingen is belangrijk om de coronapandemie te beheersen. Even belangrijk als het aantal besmette werknemers is hoeveel hoogrisicocontacten ze hadden op de werkvloer. Sinds 29 oktober 2020 hebben we van 9.584 besmette werknemers informatie over de eventuele hoogrisicocontacten die ze op de werkvloer hebben gehad. Gemiddeld, over al de sectoren heen, ging het over 0,65 hoogrisicocontacten per besmette werknemer.

Als we kijken naar de 4-wekelijkse evolutie van het percentage besmette werknemers met 2 of meer hoogrisicocontacten, dan zien we dat dit over de volledige periode toeneemt. In de laatst gerapporteerde periode van 17 maart 2021 tot 31 maart 2021 heeft 18,8% van de indexen 2 of meer hoogrisicocontacten gehad. De sectoren met het hoogste percentage van indexen met 2 of meer hoogrisicocontacten per index zijn onderwijs, hulpdiensten, openbaar vervoer, overheid en zorg.  

Uit de stijgende trend die we zien in het percentage werknemers met 2 of meer hoogrisicocontacten kunnen we afleiden dat de motivatie om de coronamaatregelen te blijven volgen, afneemt. Daarom is het heel belangrijk de werknemers hiervoor te blijven sensibiliseren.

Waar hebben werknemers de infectie opgelopen?

Sinds half maart vragen we aan werknemers, die we contacteren omdat ze positief getest hebben, waar ze de infectie opgelopen hebben. Ondertussen kregen we hierover van 1.968 werknemers informatie. 23% van de zieke werknemers zegt zeker of waarschijnlijk de infectie op het werk opgelopen te hebben. Dat is ongeveer evenveel als het percentage (24%) dat zegt dat ze de infectie niet op het werk opgelopen hebben. 14% ziet de werkplek als mogelijke besmettingsbron en 39% heeft geen idee vanwaar de besmetting komt.

719 werknemers die vermeldden dat ze zeker, waarschijnlijk of mogelijk op de werkplek de infectie opliepen, gaven ook informatie over de omstandigheden waarin ze vermoedden dat dit gebeurd is. 43% van deze werknemers heeft geen idee waar ze op het werk de ziekte opgelopen hebben. Een derde vermoedt de besmetting opgelopen te hebben door contact met een collega tijdens de uitvoering van het werk en slechts 3 tot 5% denkt aan een contact met een collega tijdens vervoer of pauze. Gemiddeld 16% geeft aan dat ze de infectie waarschijnlijk opliepen door contact met een externe persoon (leerling, patiënt, klant …). We zien wel belangrijke verschillen tussen segmenten. In de zorg- en onderwijssector komt een extern persoon als besmettingsbron in verhouding veel vaker voor: respectievelijk 39% en 30% van de besmettingen die vermoedelijk op de werkplaats plaatsvonden. 

Protocollen verder verfijnen

De hogere besmettingscijfers in sommige sectoren en beroepscategorieën zijn geenszins een signaal dat de preventiemaatregelen tegen corona niet gevolgd zouden worden”, zegt algemeen directeur Lode Godderis van IDEWE. “Zowel individuen, bedrijven als sectorkoepels hebben de voorbije maanden enorme inspanningen geleverd om het virus te helpen indijken. Sommige werkplekken of procedures, die eigen zijn aan een beroep, maken echter dat de verspreiding van het virus minder gemakkelijk wordt gehinderd. De analyse van de cijfers biedt belangrijke inzichten om, bijvoorbeeld in sectoren waar telewerk onmogelijk is of waar de veilige afstand ook vaak niet gerespecteerd kan worden, de bestaande protocollen verder te optimaliseren. Het is de beste vertrekbasis om ook daar de besmettingen verder terug te dringen, zonder het voortbestaan van deze bedrijven in gevaar te brengen.” 

De basisboodschap blijft ook vandaag nog steeds dezelfde: blijf de algemene preventiemaatregelen strikt toepassen. Voel je je ziek: ga dan niet werken maar raadpleeg meteen een arts. 

De cijfers tonen aan dat een groot deel van de besmettingen plaatsvindt tijdens pauzes. Het is bijgevolg belangrijk dat ook dan de preventiemaatregelen gerespecteerd worden:

  • Hou afstand
  • Draag een mondmasker
  • Verzorg je handhygiëne

Ook de woon-werkverplaatsingen zijn een kritiek punt. Draag dus ook tijdens het gemeenschappelijk vervoer, aan haltes en op perrons altijd een mondmasker. Hou tijdens de rit maximaal afstand en gebruik handgel voor het opstappen en na het afstappen.

Aan de hand van een risicoanalyse kan IDEWE onderzoeken hoe we in specifieke bedrijfsomgevingen aangepaste protocollen op maat van uw bedrijf kunnen opmaken. Als een verhoogd risico op virusoverdracht blijft bestaan, zijn bovendien preventieve en repetitieve screenings mogelijk.

Het belang van vaccinatie

Het is ook belangrijk om het belang van vaccinatie voor de eigen gezondheid maar ook voor de gezondheid van vooral kwetsbare groepen en ouderen te blijven benadrukken. Het vaccin zorgt ervoor dat je niet of veel minder ziek wordt als je in aanraking komt met het virus en voorkomt op die manier dat je in het ziekenhuis moet worden opgenomen. Als meer dan 70% van de bevolking is gevaccineerd, zal het virus zich minder snel verspreiden en zal de terugkeer naar het normale leven worden vergemakkelijkt. Motiveer werknemers bijgevolg om zich te laten inenten zodra die mogelijkheid zich voordoet.

IDEWE staat als externe dienst voor preventie en bescherming op het werk klaar om werknemers in prioritaire beroepsgroepen in te enten mocht de vaccinatiestrategie in die zin evolueren. 

Meld hier een werknemer met COVID-19 in uw organisatie of collectiviteit.

Ook sneltesten kunnen ingezet worden om besmettingsclusters in ondernemingen in te perken. Lees hier onze FAQ’s over sneltesten.

Lees hier wat de rol van de arbeidsarts is bij het inzetten van repetitieve sneltesten in ondernemingen.

Raadpleeg onze Gids veilig en gezond werken in coronatijden om de continuïteit en de heropstart van uw bedrijfsactiviteiten te waarborgen, rekening houdend met de specifieke omstandigheden van de coronapandemie.

Of contacteer onze experten via corona@idewe.be voor al uw coronavragen.

Blijf altijd op de hoogte: schrijf u in op de IDEWE-nieuwsbrief

 

Met duiding van autonome experts, én in heldere taal!

Blijf mee met alle ontwikkelingen in welzijn & preventie

Ontvang als eerste updates rond wetswijzigingen